Waarom het weer invloed heeft op FM ontvangst
Wie regelmatig naar FM radio luistert, merkt het soms direct: de ene dag klinkt je favoriete zender kraakhelder en een andere dag hoor je ruis of valt het signaal weg. Dat ligt niet altijd aan je radio of antenne, maar vaak aan het weer. FM radio gebruikt radiogolven die zich door de atmosfeer verplaatsen en juist die atmosfeer verandert voortdurend door temperatuur, vochtigheid en luchtdruk.
De rol van temperatuur en luchtlagen
Bij rustig en stabiel weer ontstaan er soms lagen met verschillende temperaturen in de lucht. Warme lucht kan als een soort deksel boven koelere lucht liggen. Radiogolven kunnen dan buigen langs deze grens tussen de luchtlagen. Hierdoor reikt het signaal soms verder dan normaal, waardoor je zenders van ver weg kunt ontvangen, maar het kan ook storing veroorzaken op de lokale zender die je eigenlijk wilt horen.
Regen, mist en vochtige lucht
Vocht in de lucht heeft invloed op de sterkte en kwaliteit van het FM signaal. FM zit in een frequentiegebied dat redelijk goed door regen en mist heen komt, maar niet helemaal ongevoelig is. De combinatie van afstand tot de zender, obstakels en het weer bepaalt samen hoeveel signaal er uiteindelijk bij jouw antenne aankomt.
Regenbuien en onweerswolken
Zware regenbuien kunnen het signaal enigszins verzwakken, vooral als je al aan de rand van het ontvangstgebied zit. Daarnaast kunnen onweerswolken en bliksem korte storingen en tikken in het geluid veroorzaken. Dat komt doordat bliksem krachtige elektromagnetische pulsen uitzendt, die heel even storen op de elektronica in je radio of op de ontvangst van de antenne.
Storm, wind en obstakels
Bij harde wind en storm lijkt het soms alsof het weer direct op het signaal inwerkt, maar vaak is het effect indirect. Wind zelf heeft weinig invloed op radiogolven, maar de gevolgen van een storm hebben dat wel. Denk aan bewegende takken voor je antenne, een verschoven buitenantenne of schade aan zendantennes in de omgeving.
Veranderende omgeving door het seizoen
Ook seizoensveranderingen spelen mee. In de zomer staan bomen vol in het blad en vormen ze een extra barrière voor het signaal, vooral als je binnenshuis luistert. In de herfst en winter kunnen kale bomen juist zorgen voor een iets beter bereik. Ook natte bladeren, daken en muren kunnen meer signaal absorberen dan droge oppervlakken, waardoor regenrijke periodes soms net wat slechtere ontvangst geven.
Wat je zelf kunt doen voor betere ontvangst
Omdat je het weer niet kunt sturen, is het slim om de omstandigheden bij jou thuis te optimaliseren. Zet je radio of antenne zo hoog mogelijk en zo dicht mogelijk bij een raam. Experimenteer met kleine draaibewegingen van de antenne om een stabieler signaal te vinden. Bij blijvende problemen kan een losse FM antenne op zolder of buiten een groot verschil maken. Door rekening te houden met het weer en je opstelling daarop af te stemmen, haal je meer uit je FM radio, ongeacht de omstandigheden buiten.