Verlaagt of verlaagd: de spellingvraag die iedereen weleens googelt

Verlaagt of verlaagd: de spellingvraag die iedereen weleens googelt

Kort antwoord: gebruik verlaagt als er hij, zij of het voor kan staan in de tegenwoordige tijd (de winkel verlaagt de prijzen) en verlaagd na een vorm van zijn, worden of hebben (de prijzen zijn verlaagd). De uitspraak is identiek; alleen de zinsbouw geeft het antwoord.

Twee vormen, één klank

Verlaagt is de persoonsvorm derde persoon enkelvoud; verlaagd het voltooid deelwoord. Omdat een d aan het woordeinde als t klinkt, kun je het verschil niet horen. Dit is dezelfde valkuil als bij gebeurt/gebeurd en vindt/vind, zie de uitleg bij Onze Taal.

Snelle zelftest

Zet het werkwoord antwoorden op de plek van verlagen. Hoor je antwoordt, schrijf verlaagt. Hoor je geantwoord, schrijf verlaagd. Nog sneller werkt lopen: loopt = verlaagt, gelopen = verlaagd.

Voorbeelden

De centrale bank verlaagt de rente met een kwart procent. De rente werd al drie keer verlaagd dit jaar. De drempel wordt verlaagd zodat de rolstoel erover kan. Het verlaagde tarief geldt tot en met december. Meer vervoegingen check je bij Van Dale of in de officiële Woordenlijst.

Veelgemaakte instinkers

Na wordt volgt altijd het deelwoord: wordt verlaagd, nooit wordt verlaagt. En in vragen blijft de t bij de persoonsvorm: verlaagt de gemeente de parkeertarieven? Wie twijfelt bij samengestelde zinnen, zoekt eerst het onderwerp bij het werkwoord.

Waarom dit blijft terugkomen

D/t-fouten zijn de meest gemaakte spelfouten van het Nederlands, juist omdat het oor geen hulp biedt. Vaste ezelsbruggetjes en even hardop vervangen door lopen maken het verschil; achtergrond over werkwoordspelling geeft de Taalunie.